Effectief trips bestrijden in de professionele land- en tuinbouw: Strategieën en praktijkoplossingen

21-08-2026

Trips bestrijden: Een geïntegreerde aanpak voor de professionele teler

Voor professionele telers, glastuinbouwbedrijven en agrarische ondernemers blijft trips bestrijden een van de grootste uitdagingen in het dagelijks gewasbeheer. De minuscule insecten (Thysanoptera) veroorzaken aanzienlijke economische schade in uiteenlopende teelten, van bedekte sierteelt en groenteteelt tot de onbedekte landbouw. Door hun verborgen leefwijze, snelle voortplanting en toenemende resistentie tegen chemische middelen is een simpel spuitschema vaak niet meer voldoende.
 
Om een plaag onder controle te krijgen én te houden, is een doelgerichte, geïntegreerde benadering (Integrated Pest Management, oftewel IPM) noodzakelijk. In dit artikel bespreken we hoe je trips herkent, hoe je een plaag voorkomt en op welke wijze biologische tripsbestrijding duurzaam kan worden ingezet.
Trips-Bestrijden
 

Trips herkennen en schadebeelden in kaart brengen

Voordat er overgegaan kan worden op actie, is het tijdig herkennen van de plaag essentieel. Er bestaan wereldwijd duizenden tripssoorten, waarvan er circa twintig ernstige schade aanrichten in agrarische gewassen. Bekende boosdoeners in de kas en op het veld zijn onder andere de californische trips (Frankliniella occidentalis) en de tabakstrips (Thrips tabaci).
Schadelijke effecten van trips in gewassen:
  • Zilvergrijze zuigschade: Tripsen prikken de plantencellen aan en zuigen deze leeg. De volgelopen luchtruimtes in de lege cellen veroorzaken de karakteristieke zilvergrijze vlekken op bladeren en petals.
  • Groeiremming en misvorming: Door de aantasting van jonge scheuten, groeipunten en bloemknoppen ontstaan misvormde bladeren en vruchten.
  • Zwarte uitwerpselen: Op de onderzijde van het blad laten tripsen kleine, zwarte druppeltjes (feces) achter, wat de sierwaarde of marktwaarde van het product aantast.
  • Eiwit- en virusoverdracht: Tripsen zijn beruchte vectoren voor plantenvirussen, zoals het bronsevlekkenvirus (TSWV). Een kleine populatie kan hierdoor al grote indirecte gevolgen hebben voor de totale oogst.

Preventie en vroegtijdige monitoring

Voorkomen is beter dan genezen. Een effectief strategisch plan voor trips bestrijden begint altijd bij preventie en monitoring.
  1. Hygiëne en gewasvoorbereiding: Start de teelt met een schone kas of schoon perceel. Verwijder gewasresten en onkruid rondom het bedrijf, aangezien dit vaak schuilplaatsen zijn voor overwinterende tripsen.
  2. Fysieke barrières: Het aanbrengen van insectengaas in de luchtramen helpt om de instroom van trips van buitenaf drastisch te verminderen.
  3. Monitoren met feromonen: Doelgerichte monitoring is de sleutel tot het bepalen van het juiste behandelmoment. Door gebruik te maken van specifieke lokferomonen in combinatie met blauwe of gele vangplaten worden zowel mannelijke als vrouwelijke tripsen uit het gewas gelokt. Wekelijkse tellingen geven exact inzicht in de druk van de trips in de kas of het open veld.

Geïntegreerde en biologische tripsbestrijding

Bij het vaststellen van een opbouwende populatie verschuift de focus naar beheersing. Binnen de moderne gewasbescherming ligt de nadruk op biologische tripsbestrijding, aangezien chemicaliën vaak stuiten op resistentie en MRL-restricties (Maximale Residu Limiet).

1. Inzet van natuurlijke vijanden

Roofmijten (zoals Amblyseius swirskii of Neoseiulus cucumeris) en roofwantsen (zoals Orius-soorten) vormen het fundament van de biologische aanpak. Roofmijten richten zich voornamelijk op de eieren en het eerste larvenstadium, terwijl roofwantsen ook de latere stadia en volwassen tripsen aanpakken. Daarnaast kunnen insectparasitaire nematoden (aaltjes) worden ingezet om tripspoppen in de bodem of het substraat te bestrijden.

2. Biologische middelen en insectparasitaire schimmels

Wanneer de druk van trips in gewassen toeneemt, kan de inzet van natuurlijke gewasbeschermingsmiddelen noodzakelijk zijn. Denk hierbij aan biologische middelen op basis van insectparasitaire schimmels (zoals Beauveria bassiana). Deze schimmels sporen de trips op, dringen het insect binnen en doden de plaag zonder residu achter te laten op het gewas.

3. Hulpstoffen en lokmiddelen

Omdat tripsen zich diep in de knoppen en hoeken van het gewas verstoppen, is raakbaarheid bij bespuitingen een terugkerend knelpunt. Het toevoegen van specifieke, suikervrije hulpstoffen of eiwitgebaseerde lokmiddelen activeert de tripsen. Hierdoor komen de insecten tevoorschijn en bewegen ze door het gewas, wat het direct contact met biologische of selectieve middelen aanzienlijk verhoogt.

Conclusie

Succesvol trips bestrijden vraagt om een gestructureerde aanpak waarin hygiëne, nauwkeurige monitoring en biologische bestrijding naadloos op elkaar aansluiten. Door tijdig in te grijpen met de juiste combinatie van natuurlijke vijanden, feromonen en effectieve hulpstoffen blijft het gewas gezond, de residudruk laag en de oogstkwaliteit gewaarborgd.
 

Folder downloaden

Om onze folder te downloaden vragen wij u om uw naam en e-mailadres in te vullen.

Door dit formulier te versturen stemt u in met onze privacy policy.